Je werkt op een kleinschalig wooncentrum met meerdere groepswoningen, waar mensen met ernstig meervoudige beperkingen (EMB) en moeilijk verstaanbaar gedrag (MVG) wonen. De zorg is intensief en persoonlijk: sommige cliënten hebben volledige verzorging nodig, anderen vooral duidelijke structuur en nabijheid.
Er is 24/7 begeleiding aanwezig en je staat er nooit alleen voor. Je werkt samen met een multidisciplinair team, waaronder gedragsdeskundigen, therapeuten en een arts verstandelijk gehandicaptenzorg. Zo kijk je samen steeds naar wat iemand nodig heeft en aankan.
Actief blijven staat centraal. Cliënten worden, waar mogelijk, betrokken bij dagelijkse bezigheden zoals het huishouden, activiteiten en uitstapjes. Overdag is er een dagcentrum met uiteenlopende activiteiten: van bewegen en creatief bezig zijn tot beleving, ontspanning en kleine werkzaamheden. Alles gebeurt vanuit de LACCS-visie, met aandacht voor kwaliteit van leven, contact en veiligheid. Begeleiders sluiten aan bij de mogelijkheden van de cliënt: jij kijkt niet naar wat niet kan, maar naar wat wél lukt.
Je begint je dienst met de overdracht. Wat speelde er vandaag, hoe zijn de cliënten uit bed gekomen en waar moeten we extra alert op zijn? Met die informatie stap je de woning binnen. Raymond (33) zit in de huiskamer. Hij heeft een ernstig meervoudige beperking en kan zich niet verbaal uiten, maar jij herkent zijn signalen meteen. Aan zijn houding zie je dat hij wat spanning heeft. Door rustig te blijven en het vaste ochtendritme te volgen, help je hem ontspannen tijdens de verzorging.
Later op de ochtend ondersteun je Sasja (19), die behoefte heeft aan duidelijke structuur. Je helpt haar op weg met een activiteit die bij haar past en blijft in de buurt om overzicht te houden. Ondertussen vraagt Vincent (47) om aandacht. Hij raakt sneller overprikkeld en heeft duidelijke grenzen nodig. Jij biedt die rust en voorspelbaarheid, waardoor hij weer verder kan met zijn dag.
Tussendoor overleg je met collega’s, stem je af en leg je observaties vast. Je kijkt steeds opnieuw: wat kan iemand vandaag en wat is genoeg? Aan het einde van je dienst zijn de cliënten rustig en is de dag verlopen zoals bedoeld. Je draagt over en gaat naar huis met het gevoel dat jouw aanwezigheid ertoe deed.

Jij voelt je op je plek bij de EMB-doelgroep en weet om te gaan met intensieve zorgvragen, zowel lichamelijk als in gedrag. Je kijkt scherp, denkt vooruit en blijft rustig wanneer cliënten zich niet direct kunnen uiten.













Je werkt op een kleinschalig wooncentrum met meerdere groepswoningen, waar mensen met ernstig meervoudige beperkingen (EMB) en moeilijk verstaanbaar gedrag (MVG) wonen. De zorg is intensief en persoonlijk: sommige cliënten hebben volledige verzorging nodig, anderen vooral duidelijke structuur en nabijheid.
Er is 24/7 begeleiding aanwezig en je staat er nooit alleen voor. Je werkt samen met een multidisciplinair team, waaronder gedragsdeskundigen, therapeuten en een arts verstandelijk gehandicaptenzorg. Zo kijk je samen steeds naar wat iemand nodig heeft en aankan.
Actief blijven staat centraal. Cliënten worden, waar mogelijk, betrokken bij dagelijkse bezigheden zoals het huishouden, activiteiten en uitstapjes. Overdag is er een dagcentrum met uiteenlopende activiteiten: van bewegen en creatief bezig zijn tot beleving, ontspanning en kleine werkzaamheden. Alles gebeurt vanuit de LACCS-visie, met aandacht voor kwaliteit van leven, contact en veiligheid. Begeleiders sluiten aan bij de mogelijkheden van de cliënt: jij kijkt niet naar wat niet kan, maar naar wat wél lukt.
Je begint je dienst met de overdracht. Wat speelde er vandaag, hoe zijn de cliënten uit bed gekomen en waar moeten we extra alert op zijn? Met die informatie stap je de woning binnen. Raymond (33) zit in de huiskamer. Hij heeft een ernstig meervoudige beperking en kan zich niet verbaal uiten, maar jij herkent zijn signalen meteen. Aan zijn houding zie je dat hij wat spanning heeft. Door rustig te blijven en het vaste ochtendritme te volgen, help je hem ontspannen tijdens de verzorging.
Later op de ochtend ondersteun je Sasja (19), die behoefte heeft aan duidelijke structuur. Je helpt haar op weg met een activiteit die bij haar past en blijft in de buurt om overzicht te houden. Ondertussen vraagt Vincent (47) om aandacht. Hij raakt sneller overprikkeld en heeft duidelijke grenzen nodig. Jij biedt die rust en voorspelbaarheid, waardoor hij weer verder kan met zijn dag.
Tussendoor overleg je met collega’s, stem je af en leg je observaties vast. Je kijkt steeds opnieuw: wat kan iemand vandaag en wat is genoeg? Aan het einde van je dienst zijn de cliënten rustig en is de dag verlopen zoals bedoeld. Je draagt over en gaat naar huis met het gevoel dat jouw aanwezigheid ertoe deed.

Jij voelt je op je plek bij de EMB-doelgroep en weet om te gaan met intensieve zorgvragen, zowel lichamelijk als in gedrag. Je kijkt scherp, denkt vooruit en blijft rustig wanneer cliënten zich niet direct kunnen uiten.



